Klimaatbestendig groeien in de voedingsindustrie: een integrale aanpak

Een grote voedingsproducent met meerdere fabrieken en een internationaal leveranciersnetwerk werd steeds vaker geconfronteerd met verstoringen in de aanvoer van grondstoffen. Extreme weersomstandigheden, veranderende teeltgebieden en strengere regelgeving rond landbouw en emissies zorgden voor onzekerheid in volumes, prijzen en kwaliteit. Tegelijkertijd namen consumenten en retailers de duurzaamheidsclaims van voedingsmerken kritischer onder de loep. In deze context werd duidelijk dat een klassieke efficiëntiestrategie niet langer volstond. Het Radner team werd ingeschakeld om een klimaatbestendige strategie en planning voor duurzame ontwikkeling te ontwerpen die zowel de risico’s als de kansen van klimaatverandering adresseerde.

Het traject startte met een uitgebreide klimaat- en ketenanalyse. Het Radner team bracht de belangrijkste grondstoffen in kaart, inclusief herkomstlanden, teeltmethoden en bestaande certificeringen. Vervolgens werden klimaatprojecties en scenario’s voor deze regio’s gekoppeld aan de grondstoffenportefeuille. Hierdoor werd zichtbaar welke ingrediënten het meest kwetsbaar waren voor droogte, overstromingen of veranderende seizoenen. Deze analyse ging verder dan de eigen fabrieken en keek nadrukkelijk naar de volledige waardeketen, van boer tot consument. De uitkomsten vormden de basis voor een risicogestuurde benadering van duurzame ontwikkeling.

Naast fysieke klimaatrisico’s onderzocht het Radner team ook transitierisico’s, zoals strengere emissienormen, mogelijke CO₂-beprijzing en veranderende eisen van grote retailklanten. Door deze factoren te combineren met de klimaatprojecties ontstond een geïntegreerd risicoprofiel voor de voedingsproducent. Dit profiel liet zien waar de grootste kwetsbaarheden lagen, maar ook waar kansen lagen voor productinnovatie en nieuwe markten. De directie kreeg zo een helder beeld van de noodzaak om niet alleen te verduurzamen, maar ook de bedrijfsstrategie klimaatbestendig te maken.

In een reeks strategische sessies begeleidde het Radner team de directie en het management bij het formuleren van een langetermijnvisie op klimaatbestendige groei. Deze visie verbond drie kernaspecten: leveringszekerheid van grondstoffen, reductie van milieu-impact en versterking van merkvertrouwen. De onderneming wilde niet alleen reageren op klimaatverandering, maar actief bijdragen aan oplossingen in de keten. Dit betekende onder meer investeren in duurzame landbouwpraktijken, herzien van recepturen en het ontwikkelen van producten met een lagere klimaatvoetafdruk. De strategie en planning voor duurzame ontwikkeling werd zo een integraal onderdeel van de bedrijfsstrategie.

Een belangrijk onderdeel van de aanpak was het herontwerpen van de grondstoffenstrategie. Het Radner team hielp bij het segmenteren van grondstoffen op basis van klimaatrisico, strategisch belang en mogelijkheden tot verduurzaming. Voor hoog-risico-ingrediënten werden alternatieve herkomstregio’s en teeltmethoden onderzocht. Tegelijkertijd werd gekeken naar mogelijkheden om bepaalde ingrediënten gedeeltelijk te vervangen door minder kwetsbare of duurzamere alternatieven, zonder concessies te doen aan smaak en kwaliteit. Deze klimaatadaptieve grondstoffenportefeuille verminderde de afhankelijkheid van kwetsbare regio’s en maakte de keten veerkrachtiger.

Parallel hieraan werd de eigen productie-infrastructuur doorgelicht. Het Radner team analyseerde energie- en waterverbruik, koelprocessen, afvalstromen en emissies per fabriek. Op basis van deze analyse werd een routekaart opgesteld voor het verlagen van de milieu-impact en het vergroten van de klimaatbestendigheid van de fabrieken. Dit omvatte onder meer investeringen in hernieuwbare energie, waterbesparende technologieën en aanpassingen aan gebouwen om beter bestand te zijn tegen hitte en extreme neerslag. De routekaart werd gefaseerd ingevoerd, rekening houdend met onderhoudsplanningen en investeringscycli.

Een onderscheidend element in dit traject was de intensieve samenwerking met landbouwpartners. De voedingsproducent werkte al met een netwerk van telers en coöperaties, maar de relaties waren vooral gericht op prijs en volume. Het Radner team hielp bij het opzetten van langetermijnprogramma’s voor duurzame en klimaatbestendige teelt. Dit omvatte training van boeren in bodemverbetering, waterbeheer en gewasdiversificatie, evenals financiële prikkels voor het toepassen van regeneratieve landbouwpraktijken. Door deze samenwerking ontstond een gedeeld belang in het verminderen van klimaatrisico’s en het verbeteren van de ecologische voetafdruk.

Om de strategie en planning voor duurzame ontwikkeling concreet te maken, ontwikkelde het Radner team een set van meetbare doelen. Deze doelen hadden betrekking op CO₂-reductie, waterverbruik, landgebruik, biodiversiteit in de keten en het aandeel grondstoffen uit duurzamere teeltsystemen. Daarnaast werden doelen geformuleerd voor productinnovatie, zoals het percentage omzet uit producten met een lagere klimaatimpact. Deze doelen werden geïntegreerd in de reguliere prestatiesturing, zodat ze niet als aparte duurzaamheidsdoelen, maar als kernonderdeel van de bedrijfsvoering werden gezien.

Communicatie speelde een cruciale rol in het traject. Het Radner team ondersteunde de voedingsproducent bij het ontwikkelen van een transparant en geloofwaardig verhaal richting klanten, consumenten en andere stakeholders. Dit verhaal legde uit waarom klimaatbestendigheid essentieel was voor de continuïteit van het bedrijf en hoe de onderneming samenwerkte met boeren en partners om oplossingen te realiseren. Er werd bewust gekozen voor heldere taal en vermeden om te vervallen in vage claims. Deze transparante ketencommunicatie droeg bij aan vertrouwen en maakte het mogelijk om samen met retailers nieuwe proposities te ontwikkelen.

Intern werd veel aandacht besteed aan het betrekken van verschillende afdelingen bij de klimaatbestendige strategie. Het Radner team organiseerde workshops met R&D, inkoop, operations, marketing en sales om te verkennen hoe de nieuwe koers hun werk beïnvloedde. R&D-teams onderzochten nieuwe recepturen en verwerkingsmethoden met lagere klimaatimpact. Inkoopafdelingen pasten contracten en selectiecriteria aan. Marketing en sales ontwikkelden verhalen en campagnes rond de nieuwe producten en initiatieven. Door deze integrale benadering ontstond een breed gedragen verandering in plaats van een geïsoleerd duurzaamheidsproject.

De implementatie van de routekaart verliep gefaseerd, met pilots in geselecteerde productcategorieën en regio’s. Het Radner team begeleidde deze pilots, monitorde resultaten en hielp bij het opschalen van succesvolle aanpakken. In één categorie werd bijvoorbeeld een deel van een kwetsbare grondstof vervangen door een lokaal geteeld alternatief met lagere klimaatvoetafdruk. De pilot toonde aan dat consumenten de smaak accepteerden en dat de leveringszekerheid verbeterde. Op basis van deze ervaring werd de aanpak uitgebreid naar andere producten en markten.

Na enkele jaren werden de eerste structurele effecten zichtbaar. De afhankelijkheid van hoog-risico-teeltregio’s nam af, terwijl het aandeel grondstoffen uit duurzamere en klimaatbestendige systemen toenam. De CO₂-uitstoot per ton product daalde, mede door efficiëntere processen en hernieuwbare energie. Waterverbruik in de fabrieken werd significant gereduceerd door hergebruik en optimalisatie. Het Radner team ondersteunde bij het verzamelen en verifiëren van deze data, zodat de voedingsproducent betrouwbare rapportages kon opstellen voor klanten, investeerders en certificerende instanties.

De markt reageerde positief op de nieuwe koers. Grote retailklanten waardeerden de proactieve aanpak van klimaatrisico’s en de transparantie in de keten. Dit leidde tot langdurige samenwerkingen en gezamenlijke innovatieprojecten, bijvoorbeeld rond klimaatvriendelijke productlijnen en educatieve campagnes voor consumenten. De voedingsproducent wist zich te positioneren als betrouwbare partner in een tijd van toenemende onzekerheid in de voedselketen. Het Radner team hielp bij het strategisch benutten van deze positie in onderhandelingen en merkpositionering.

Ook intern veranderde de dynamiek. Medewerkers voelden dat hun werk direct bijdroeg aan een toekomstbestendig voedselsysteem. Teams ontwikkelden eigen initiatieven om verspilling te verminderen, energie te besparen en samen te werken met lokale gemeenschappen. Het Radner team stimuleerde deze initiatieven door een intern innovatieprogramma te structureren en successen zichtbaar te maken. Hierdoor ontstond een cultuur waarin klimaatbestendigheid en duurzaamheid vanzelfsprekende onderdelen van besluitvorming werden.

De klimaatbestendige strategie bleek bovendien financieel aantrekkelijk. Door het verminderen van afhankelijkheid van kwetsbare grondstoffen en het verbeteren van efficiëntie in productie en logistiek, werden kosten en risico’s verlaagd. Tegelijkertijd creëerden nieuwe producten en proposities extra omzetkansen in markten waar duurzaamheid een belangrijk aankoopcriterium was. Financiers en investeerders waardeerden de onderbouwde langetermijnvisie en de concrete routekaart. Het Radner team ondersteunde bij het vertalen van de strategie naar investeringsplannen en bij het aantonen van de verwachte risicoreductie.

De voedingsproducent besloot de strategie en planning voor duurzame ontwikkeling regelmatig te actualiseren op basis van nieuwe klimaatdata, technologische ontwikkelingen en markttrends. Het Radner team ontwierp een periodieke reviewcyclus waarin scenario’s werden geactualiseerd en doelen waar nodig werden aangescherpt. Deze wendbaarheid maakte het mogelijk om in te spelen op onverwachte ontwikkelingen, zoals nieuwe regelgeving of plotselinge verstoringen in de keten. De strategie bleef zo een levend document dat richting gaf in een dynamische omgeving.

Door deze integrale aanpak kon de voedingsproducent niet alleen de eigen kwetsbaarheid voor klimaatverandering verminderen, maar ook bijdragen aan een duurzamer voedselsysteem. De combinatie van ketensamenwerking, innovatie en robuuste planning zorgde voor een sterke positie in een sector die onder grote transitie druk staat. Het Radner team speelde een sleutelrol in het verbinden van klimaatwetenschap, bedrijfsstrategie en operationele realiteit. De klimaatbestendige strategie werd daarmee een fundament voor duurzame groei in de voedingsindustrie.

Andere casestudies

Industriële doorbraak in duurzame strategie

Een gevestigde industriële onderneming met meerdere productielocaties in de Benelux stond onder toenemende druk van klanten, financiers en toezichthouders. De dir...

Meer +

Groene groeiplan voor een retailketen

Een landelijke retailketen met honderden winkels in stadscentra en buitenwijken merkte dat het traditionele prijsgerichte model onder druk kwam te staan. Consumen...

Meer +

Net-zero-roadmap voor een techcampus

Op een snelgroeiende techcampus met kantoren, labs, datacenters en gedeelde voorzieningen ontstond de ambitie om een van de eerste volledig klimaatneutrale campus...

Meer +